Afwisseling en autonomie inbouwen

    Wat is afwisselend werk en autonomie?

    Afwisseling in het werk duidt op hoeveel variatie je hebt in de taken die je moet uitvoeren. Als je weinig afwisseling hebt, moet je vaak dezelfde soort taken herhalen en heb je meer routinematig of repetitief werk. Afwisseling in het werk betekent dat werknemers betrokken zijn bij voorbereidende, uitvoerende en ondersteunende taken.

    Mensen willen graag controle over zichzelf en hun omgeving. Ze doen dat door hun zaken zo goed mogelijk te regelen. De mogelijkheden die mensen hebben om dat te kunnen doen, noemen we regelmogelijkheden of autonomie. Medewerkers met voldoende autonomie kunnen hun werk zelf indelen en problemen oplossen. Zij bepalen zelf wat ze eerst doen, op welke manier ze hun werk aanpakken, waar en wanneer ze werken.

    Waarom is afwisseling en autonomie belangrijk?

    Afwisseling in het werk is een belangrijke hefboom om werkstress te vermijden of aan te pakken. Uit onderzoek weten we dat weinig afwisseling of saai, monotoon werk de stress verhoogt. Een goede combinatie zorgt voor een evenwichtige, motiverende én lerende job. Afwisselend werk is ergonomisch gezond, geeft meer plezier in het werk, vergroot de betrokkenheid en verlaagt de werkdruk.

    Door regelmogelijkheden heb je de kans om je werk zelf in te delen en problemen op te lossen. Als je meer regelmogelijkheden hebt is de kans minder groot dat werkdruk ongezond wordt. Je kunt zelf namelijk bepalen wat je eerst doet, op welke manier je je werk aanpakt, waar je het doet en wanneer je werkt. Er zijn hier uiteraard grenzen aan. Als de werkdruk te groot is, helpen regelmogelijkheden niet (meer). 'Mogen regelen' en 'kunnen regelen' horen met elkaar in balans te zijn. Zowel te weinig regelmogelijkheden (je mag niets) als te veel (je moet alles zelf uitzoeken) verhogen de werkdruk.

    De Amerikaanse socioloog Karasek pleit ervoor om hoge taakeisen te combineren met taakvariatie en ruime autonomie op de werkplek. Dit motiveert werknemers en geeft hen meer armslag om werkdruk en stress de baas te blijven. Regelmogelijkheden kunnen dus een recept zijn voor werkbaar werk. Als je veel controle hebt in je werk (autonomie, taakvariatie), heb je volgens dit model een ontspannen of uitdagende job. Hoe meer taakeisen, hoe uitdagender de job en hoe meer je gemotiveerd bent.

    Het Job Demand Control-model van Karasek

    Bron: Rapport Werkbaar Werk en de jobtypes van Karasek, 2018

    Het model schuift de uitdagende of actieve jobs naar voor om motivatie te verhogen en stressrisico’s te beperken. Maar onderzoek op basis van de Werkbaarheidsmonitor toont aan dat het niet de uitdagende, maar wel de ontspannen jobs zijn die het meest werkbaar zijn.

    Werkbaarheidsevaluatie van de Karasek-jobtypes

    Ontspannen jobs

     

    93,7%

     

    77,4%

     

    15,1%

    Uitdagende jobs

     

    82,3%

     

    49,1%

     

    48,4%

    Saaie (passieve) jobs

     

    72,7%

     

    64,8%

     

    23,3%

    Slopende jobs

     

    53,2%

     

    30,8%

     

    63,8%

     gemotiveerd aan de slag
     pensioen haalbaar
     stressklachten

    Bron: Werkbaarheidsmeting Werknemers 2016

    Bij de actieve jobs is de motivatie hoog (82%), maar kampt 48% van de werknemers met stressklachten. Bij de ontspannen jobs zijn nog meer medewerkers gemotiveerd (94%) en is slechts 15% gestresseerd. Ook het werken tot aan het pensioen is in dit jobtype eerder haalbaar (77%) in vergelijking met de uitdagende jobs (49%). Afwisseling en autonomie kunnen dus het werk meer werkbaar maken, maar alleen wanneer de werkdruk en emotionele belasting op een aanvaardbaar niveau zitten.

    Afwisseling en autonomie in Vlaanderen

    In 2016 gaven drie op de vier werknemers in de Werkbaarheidsmonitor aan dat ze voldoende afwisseling hebben op het werk. Niet iedereen heeft echter afwisselend werk. Elementen die een rol spelen zijn je geslacht, je diploma, het soort job en de sector waarin je werkt, of je voltijds of deeltijds werkt, hoe je gezin is samengesteld en of je een arbeidshandicap hebt. Afwisselend werk komt meer voor bij mannen dan vrouwen, bij hoger geschoolden en personen zonder arbeidshandicap.

    Acht op de tien mensen heeft voldoende autonomie in het werk. Vooral de dertigers, veertigers en 55-plussers hebben voldoende autonomie. Scholing, gezinssamenstelling, arbeidshandicap, soort job, soort contract, aantal uren dat je per week werkt en de grootte van het bedrijf spelen allemaal een rol. De chemie, de zakelijke dienstverlening, de financiële sector, openbaar bestuur, onderwijs en de zorg scoren beter dan het Vlaamse gemiddelde.

    JDC-jobtypes op de Vlaamse arbeidsmarkt

     
     

    De ontspannen (36%) en saaie (31%) jobs, beide met relatief meer afwisseling en autonomie, komen het vaakst voor in Vlaanderen. Maar de actieve en slopende jobs (meer werkdruk en emotionele belasting) zijn het meest toegenomen in de afgelopen jaren.

    Aan de slag

    • Zet in op het herontwerpen van de arbeidsorganisatie. Zorg ervoor dat de functies meer gevarieerde takenpakketten bevatten en een ruimere autonomie op de werkvloer bieden. Dit verhoogt de werkbetrokkenheid en stimuleert de ontwikkeling van competenties.
    • Check regelmatig of het werk nog voldoende variatie en autonomie inhoudt. Jobs kunnen evolueren doorheen de tijd, mensen kunnen groeien. Stem de mate van variatie en autonomie af op het leerproces van mensen.
    • Om mensen (langer) gezond aan de slag te kunnen houden, is afwisseling en autonomie niet voldoende. Zorg er tegelijkertijd voor dat de werkdruk en prestatiedoelstellingen op een haalbaar niveau blijven. Meer ontspannen jobs zorgen voor een betere werkbaarheid van het werk.
    • Breng de competenties en talenten van mensen in kaart. Op die manier heb je de nodige info om het juiste evenwicht te bewaren en kan je op maat van de medewerker werken. Je kan de juiste hoeveelheid aan taakvariatie aanbieden en voldoende autonomie geven. Te veel variatie en te veel autonomie kan ook nadelig zijn. Medewerkers hebben in dat geval misschien te weinig richting en duidelijkheid en raken daardoor gedemotiveerd. Zoek de juiste balans.
     

    Werken met goesting

    • Werkstress en burn-out voorkomen
    • Gezond en veilig werken
    • Tot aan je pensioen werken
    • Jong en oud inzetten
     
     

    Leidinggeven met klasse

    • Coachend leidinggeven
    • Verbindend communiceren
    • Doordacht delegeren
    • Medewerkers motiveren
     
     

    Leren om te groeien

    • Competenties en talent ontwikkelen
    • Al doende leren
    • Tijd maken voor opleiding
    • Kennis delen via lerende netwerken